headerimage headerimage
Tel: 072 535 35 40

Meervoudige intelligentie

In vwo-Xtra wordt gewerkt vanuit het onderwijsconcept van de meervoudige intelligentie. Hierbij is niet "hoe intelligent is dit kind?" de vraag, maar "hoe is dit kind intelligent?". De leerlingen krijgen binnen dit onderwijsconcept de kans hun bijzondere talenten te ontplooien en zij worden gestimuleerd hun andere talenten te ontwikkelen.

Volgens Prof. Dr. Howard Gardner zijn er 8 intelligenties te onderscheiden:

  1. De taalkundige intelligentie
  2. De logisch-wiskundige intelligentie
  3. De visueel-ruimtelijke intelligentie
  4. De lichamelijk-motorische intelligentie
  5. De muzikaal-ritmische intelligentie
  6. De natuurgerichte intelligentie
  7. De interpersoonlijke intelligentie
  8. De intrapersoonlijke intelligentie

Het concept van de meervoudige intelligentie wint de laatste jaren terrein omdat de maatschappij steeds meer behoefte heeft aan mensen, die in het bezit zijn van kennis, maar daarnaast ook geleerd hebben creatief, probleemoplossend te handelen door hun hersenen intelligent te gebruiken.

Onderwijs doet traditioneel vooral een beroep op de verbaal-linguïstische (taal) en logisch-mathematische (rekenen) intelligentie. Leerlingen blijken echter verschillende intelligentiepatronen te hebben. Ze leren dan ook het best en het meest als het onderwijs is afgestemd op de verschillende intelligenties.
In vwo-Xtra  willen we alle leerlingen bereiken door de diverse intelligenties te beschouwen als ingangen tot de leerstof en zodoende deze acht intelligenties bij de leerlingen ontwikkelen.
Meervoudige intelligentie is voor ons geen nieuw geloof, maar een manier om naar leerlingen te kijken.

Taalkundige intelligentie

Wij gebruiken onze verbale intelligentie om te denken in, met en over woorden.
Wie verbaal intelligent is...

  • formuleert makkelijk
  • kan goed argumenteren en anderen overtuigen
  • kan ideeën en gedachten goed onder woorden brengen
  • heeft tekstinzicht
  • is goed in grammatica
  • heeft een grote woordenschat
  • heeft een goed geheugen voor namen, plaatsen en woorden
  • praat vaak voor zijn beurt

Verbaal intelligente mensen  houden van:

  • Humor en woordspelingen
  • Lezen, praten,  schrijven, dichten
  • Vreemde talen
  • Woordspelletjes
  • Theater
  • Praten met anderen

Gebruikelijk in het onderwijs, worden leerlingen erg vaak aangesproken op hun verbale intelligentie. Zeker in de Tweede Fase worden ze meestal getoetst op deze intelligentie. Ze worden gevraagd schriftelijke verslagen/dossiers te maken, er wordt nadruk gelegd op samenwerkend leren of werken in tweetallen. Leerlingen worden schriftelijk getoetst en gevraagd om mondeling te presenteren.

Andere manieren om een beroep te doen op de verbale intelligentie zijn:

  • Werken met de computer
  • Werken met  audio(visuele) middelen
  • Werken met dramavormen
  • Werken met autobiografieën en andere persoonlijke ervaringen

Logisch-wiskundige intelligentie

Bij de logisch-wiskundige intelligentie denkt men in verhoudingen en hoeveelheden.
Wie logisch-wiskundig intelligent is...

  • kan informatie goed ordenen en analyseren
  • denkt op een hoger abstractieniveau dan leeftijdsgenoten
  • redeneert precies, accuraat en logisch
  • vraagt vaak hoe dingen werken
  • rekent snel uit het hoofd
  • ziet snel  logische verbanden
  • denkt kritisch
  • wijst de docent op dingen die niet kloppen in de uitleg of berekening

Logisch-wiskundig intelligente mensen houden van:

  • Getallen, cijfers en abstracte symbolen
  • Wiskunde en complexe wiskundige problemen
  • Computerspelletjes, logische puzzels  en rekenspelletjes
  • Schaken
  • Categoriseren en het aanbrengen van een volgorde

Na de verbale taalkundige intelligentie is de logisch-wiskundige intelligentie een van de meest voorkomende intelligenties in het Nederlands onderwijs, vooral bij de exacte en economische vakken.

Andere manieren om (ook bij niet-exacte en niet-economische vakken) een beroep te doen op de logisch-wiskundige intelligentie zijn:

  • Werken met computers en rekenmachines
  • Werken met experimenten en onderzoek
  • Werken met ezelsbruggetjes
  • Werken met matrixen en formules
  • Werken met tijdbalken, schema's, vergelijkingen  en andere ordeningsmechanismen
  • Werken met analogieën

Visueel-ruimtelijke intelligentie

Bij de visueel-ruimtelijke intelligentie denkt men in plaatjes en beelden.
Wie visueel-ruimtelijk intelligent is...

  • leest makkelijk kaarten, grafieken, plattegronden en bouwtekeningen
  • heeft een groot gevoel voor kleurnuances
  • denkt, praat en schrijft plastisch
  • tekent vaak figuurtjes of maakt krabbels om iets vast te houden
  • zit vaker te dagdromen dan anderen
  • bouwt makkelijk 3-dimensionale constructies
  • leert bij het bestuderen van een boek meer van de plaatjes dan via de tekst

Visueel-ruimtelijk intelligente mensen houden van:

  • Beeldende kunst en tekenen
  • Film, video, plaatjes, foto's
  • Kleur
  • Cartoons
  • Powerpoint
  • Musea
  • Werken met de computer
  • Experimenteren met ontwerpen, schetsen en vormgeving

Bij veel vakken, zoals de talen, wordt nauwelijks een beroep gedaan op de visueel-ruimtelijke intelligentie. Bij vakken als wiskunde, natuurkunde, biologie, aardrijkskunde en tekenen juist wel.

Andere manieren om (ook bij andere vakken) een beroep te doen op de visueel-ruimtelijke intelligentie zijn:

  • Veel werken met het bord en/of een overheadprojector/beamer
  • Het laten maken van posters, muurkranten, grafieken, diagrammen, constructies enz.
  • Het werken met werkvormen waarbij  de actieve verbeelding van de leerling wordt aangesproken
  • Werken met schema's, pictogrammen, modellen
  • Geven van beeldende voorbeelden naast verbale voorbeelden bij de uitleg
  • Werken met metafore

Lichamelijk-motorische intelligentie

De lichamelijk motorische  intelligentie wordt ook wel de lichamelijk kinestetische intelligentie genoemd. Lichamelijk motorisch intelligente mensen bezitten het vermogen om het lichaam of delen ervan te gebruiken om een probleem op te lossen, iets te begrijpen of iets uit te drukken.
Wie lichamelijk motorisch intelligent is...

  • is goed in minstens één sport
  • is daarnaast vaak goed in een handwerk of handvaardige hobby
  • maakt snel lichamelijk contact
  • heeft een sterke grove en fijne motoriek
  • leert makkelijk door iets te doen of door spel
  • is goed in het imiteren van gebaren en bewegingen van anderen
  • drukt zich vaak op een dramatische manier uit
  • heeft vaak een groot uithoudingsvermogen
  • hebben vaak de neiging om de gebruiksaanwijzing of instructie over te slaan

Lichamelijk motorische intelligente mensen houden van:

  • Gymnastiek en sport
  • Sleutelen en knutselen
  • Rennen, bewegen, stoeien, springen
  • Het aanraken van dingen
  • Beweegt, draait en friemelt als hij lang achter elkaar stil moet zitten
  • Doe-dingen
  • Creatieve schrijfopdrachten
  • Theater, dans en/of mime

Bij de meeste lesvakken wordt zelden een beroep gedaan op de lichamelijk motorische intelligentie. De inrichting van schoolgebouwen stimuleert dat ook niet altijd. Naarmate het onderwijs theoretischer wordt en de leeftijd van de leerlingen stijgt, wordt minder aan deze intelligentie geappelleerd.

Andere manieren om (ook bij andere vakken) een beroep te doen op de lichamelijk motorische intelligentie zijn:

  • Werken met simulaties,rollenspellen,dans en drama
  • Werken met opdrachten waarbij de leerlingen mogen bewegen in de klas (of daarbuiten)
  • Doen van veldonderzoek
  • Verzamelingen maken
  • Afnemen van een interview
  • Maken van dingen
  • Excursies en stages
  • Doe-dingen/actief leren

Muzikaal-ritmische intelligentie

Muzikaal-ritmisch intelligente mensen leven in geluid,maat, ritmes en patronen.
Wie muzikaal-ritmisch intelligent is...

  • bespeelt een muziekinstrument of zingt
  • neuriet graag
  • pikt snel melodietjes op
  • tikt vaak ritmisch op de tafel als hij aan het werk is
  • is gevoelig voor geluiden van buitenaf (regen op het dak, trein)
  • heeft een sterk gevoel voor ritme, intonatie en nuances in stemgebruik
  • is vaak een boeiend verteller

Muzikaal ritmisch intelligente mensen houden van:

  • Muziek
  • Studeren en werken met muziek op de achtergrond
  • Maken van muziek of liedjes
  • Bewegen op muziek
  • Werken met een walkman op (in de klas)

In het  Nederlandse onderwijs wordt bij de meeste vakken zelden een beroep gedaan op de muzikaal ritmische intelligentie. Een uitzondering daarop vormt de Vrije School. Naarmate het onderwijs theoretischer wordt en de leeftijd van de leerlingen stijgt, wordt minder aan deze intelligentie geappelleerd.

Andere manieren om (ook bij andere lesvakken) een beroep te doen op de muzikaal ritmische intelligentie zijn:

  • Werken met gesproken boeken en hoorspelen
  • Gebruiken van gedichten, yells, raps en slogans
  • Het vatten van formules en regels in een rijm of gescandeerde zin
  • Maken van muzikale ezelsbruggetjes

Natuurgerichte intelligentie

Natuurgerichte of naturalistisch intelligente mensen worden aan het denken gezet door het observeren van hun natuurlijke omgeving.
Wie natuurgericht intelligent is...

  • heeft een ontdekkende en observerende grondhouding
  • is gefascineerd door alles wat groeit, bloeit en beweegt in de natuur
  • leert makkelijk door waarnemingen buiten, door verzamelen en ordenen
  • herkent snel kenmerken van planten, dieren, voorwerpen
  • herkent (natuurlijke) patronen en processen
  • kan vaak goed sorteren, classificeren, categorieën aanbrengen
  • houdt zich bezig met natuurbescherming en/of ecologische verschijnselen

Natuurgericht intelligente mensen houden van:

  • Dieren
  • Bezig zijn (buiten) in de natuur
  • Het vak biologie
  • Gebruik van een aantekenboekje, loep, microscoop, telescoop
  • Fotograferen/tekenen van natuurlijke objecten
  • Onderzoek in de natuur

In het Nederlandse onderwijs wordt vooral bij de vakken aardrijkskunde, algemene natuurwetenschappen, biologie, natuur- en scheikunde en Natuur, Leven en Techniek een  beroep gedaan op de natuurgerichte intelligentie.

Andere manieren om (ook bij andere vakken) een beroep te doen op de natuurgerichte intelligentie zijn:

  • Wandelen in en praten over de natuur
  • Gebruiken van natuurlijke bronnen
  • Werken met wetenschappelijke experimenten
  • Maken van classificaties en verzamelingen
  • Werken met overlevingsstrategieën
  • Bestuderen van levende dingen en leefwijzen
  • Bespreken van oplossingen voor natuur- en milieuvraagstukken

Interpersoonlijke intelligentie

Interpersoonlijk intelligente mensen zijn goed in staat om andere mensen te begrijpen.
Wie interpersoonlijk intelligent is...

  • lijkt een natuurlijke leider
  • geeft raad aan vrienden met problemen
  • kan goed praten over problemen
  • heeft twee of meer goede vrienden
  • zit vaak te praten in de klas
  • wordt door andere leerlingen opgezocht
  • is lid van een club of vereniging
  • leert door het contact met anderen
  • heeft interesse in andere culturen
  • kan goed tot consensus komen in samenwerkingsprocessen

Interpersoonlijk intelligente mensen houden van:

  • contacten met anderen
  • samenwerken
  • gezelligheid en feestjes
  • andere mensen iets uitleggen
  • spelletjes

Wie een zwak ontwikkelde interpersoonlijke intelligentie heeft, zal in de hedendaagse maatschappij moeite hebben om goed te functioneren. In het Nederlandse onderwijs wordt de laatste jaren veel aandacht besteed aan deze intelligentie. Dit uit zich o.a. in projectonderwijs en samenwerkend leren.

Andere manieren om (ook bij andere vakken) een beroep te doen op de interpersoonlijke intelligentie zijn:

  • Brainstormen
  • Discussies, debat
  • Argumenteren
  • Uitwisselen in tweetallen
  • Internet, e-mail
  • Video, film
  • Creatief werk in groepen
  • Vormgeving

Intrapersoonlijke intelligentie

Intrapersoonlijk intelligente mensen denken veel over zichzelf na en kunnen goed reflecteren.
Wie intrapersoonlijk intelligent is...

  • denkt in gevoelens en stemmingen
  • houdt zich vaak op de achtergrond
  • geeft de indruk onafhankelijk te zijn en een sterke wil te hebben
  • werkt ook goed als hij niet wordt gecontroleerd
  • toont verantwoordelijkheid
  • werkt liever alleen dan samen met anderen
  • praat weinig over zijn interesse en hobby's
  • kleedt en gedraagt zich individueel
  • stelt hoge eisen aan zichzelf

Intrapersoonlijk intelligente mensen houden van:

  • Schrijven van een dagboek en gedichten
  • Filosofie
  • Dagdromen
  • Een stille omgeving
  • Alleen werken in plaats van samenwerken
  • Tijd voor zichzelf
  • Observeren van anderen
  • Het tonen van respect door en voor anderen

In het Nederlandse onderwijs wordt de laatste jaren vaker geappelleerd aan reflectieve vaardigheden en dus aan deze intelligentie. In het academisch onderwijs is een goed ontwikkelde intelligentie onmisbaar.

Andere manieren om (ook bij andere vakken) een beroep te doen op de intrapersoonlijke intelligentie zijn:

  • Een logboek bijhouden
  • Tijd bieden voor individueel leren
  • Tijd bieden voor (individuele) ontspanning en meditatie
  • Maken van foutenanalyses en reflectieoefeningen
  • Maken van een plan van aanpak/onderzoeksvraag/leerdoel
  • Oefeningen waarbij het inlevingsvermogen wordt aangesproken
  • Visualiseren
  • Vragen naar de mening van een ander over iets

Prof. Dr. Howard Gardner

Prof. Dr. Howard Gardner heeft in 1983 de theorie van de meervoudige intelligentie gelanceerd. In "Frames of mind. The Theory of Multiple Intelligences" geeft hij aan dat er grote verschillen zijn tussen leerlingen, die niet simpelweg terug te brengen zijn tot wel of niet slim. Er bestaan naar de mening van Gardner acht intelligenties en iedere persoon ontwikkelt zich in een aantal intelligenties sterker dan in andere intelligenties . Elk mens heeft een mentale vingerafdruk; een persoonlijk profiel van sterker en minder sterk ontwikkelde intelligenties. Dat is door aanleg bepaald, maar ook sterk ontwikkelbaar.

Wanneer intelligenties door de opvoeding en/of onderwijs van een kind nauwelijks zijn aangesproken, kunnen ze worden ontwikkeld. Intelligenties werken ook samen. Een sterke intelligentie kan helpen om een zwakke intelligentie te ontwikkelen.
Hersenonderzoek heeft de laatste decennia uitgewezen dat onze hersenen veel ingewikkelder in elkaar zitten dan werd aangenomen. De zenuwcellen in de hersenen (neuronen) zijn met elkaar verbonden in netwerken en blijken met elkaar te kunnen samenwerken. Wie in staat is veel neurongroepen te laten samenwerken is intelligent. Maar worden bepaalde verbindingen tussen neurongroepen niet gebruikt en/of verbroken, dan kan dat niet worden hersteld.

Het concept van de meervoudige intelligentie wint de laatste jaren terrein omdat de maatschappij steeds mee behoefte heeft aan mensen, die in het bezit zijn van kennis, maar daarnaast ook geleerd hebben creatief, probleemoplossend te handelen door hun hersenen intelligent te gebruiken.