Daphne, PCC Fabritius

“Dingen leren over het dagelijkse leven”

De dertienjarige Daphne is een zonnige leerling uit de vwo/havo-klas van PCC Fabritius: “Mijn oudere zus is hier begonnen, maar die zit nu op PCC Het Lyceum. Door haar wist ik dat dit een leuke school was. De school is niet zo heel groot en de sfeer is goed. Ik heb heel veel scholen bekeken, maar hier waren de leraren erg aardig op de leerlingmiddag, dus deze school sprak me gewoon aan.”

Samen met Rianne, haar beste vriendin van de basisschool, fietste ze die allereerste schooldag naar haar nieuwe school: “De eerste uren was het wel wat ongemakkelijk, met allemaal nieuwe klasgenootjes die je nog niet kent. De jongens zaten bij de jongens en de meisjes bij de meisjes. Maar als je met elkaar gaat praten, merk je al snel wie je echt heel aardig vindt. Ik vond het gelijk wel heel leuk op school. De eerste dagen maakten we kennis met elkaar tijdens mentorlessen. De echte lessen begonnen pas een paar dagen later. Rianne en ik zijn nog steeds bevriend en zitten in de klas naast elkaar, maar we trekken op met een echt leuk groepje van zeven jongens en meiden. Eigenlijk is iedereen in de klas wel met elkaar bevriend. We hebben daardoor een hele gezellig klas!”

De schooldagen volgen een min of meer vast patroon: “Rianne haalt mij om 8.00 uur op, dan staat ze voor mijn deur. Meestal ben ik iets te laat. Als we op school zijn, gaan we eerst naar de kluisjes om boeken te wisselen. Alleen de boeken van de les vakken die je voor de pauze hebt, hou je in de tas. De rest gaat in het kluisje, zodat je niet zo’n hele zware tas hebt, want dat is echt niet te doen. Soms komen we daar al kinderen van onze klas tegen, maar meestal wachten we op elkaar in de gang bij het lokaal. We gaan samen naar binnen en dan begint de les.” 

Daphne is enthousiast over haar mentor: “Ze is heel aardig en helemaal niet streng. Ze zou eigenlijk wel wat strenger mogen zijn. We hebben niet alleen mentorles van haar, maar ook Nederlands en Frans, dus we hebben haar acht uur in de week. Ze kan dingen goed uitleggen en ze helpt ons wel eens met plannen. Dan vraagt ze voor elk vak wat ons huiswerk is en zorgt ervoor we allemaal goed weten wat we moeten doen. Soms helpt ze ons met samenvattingen maken, ook voor andere vakken, want daar is ze heel goed in.“

Ook over de andere docenten is ze positief: “Ze zijn allemaal wel heel aardig, al is de een strenger dan de andere. Met onze aardijkskundedocent kunnen we erg lachen, dat is een hele gezellig les. Andere docenten zijn strenger, maar er is geen docent waar we een hekel aan hebben. Ik vind een docent ‘goed’ als hij je helpt wanneer je iets niet begrijpt, maar vooral als hij goed kan uitleggen, zodat je bij het leren voor een toets eigenlijk alles al hebt gehoord wat er in het boek staat. En dat doen ze hier allemaal.”  

Wat lesvakken betreft heeft Daphne wel voorkeuren: “Sowieso vind ik muziek leuk, want ik speel al zeven jaar viool. Bij NST en wiskunde haal ik soms lage cijfers, maar ook best wel hoge. Het zijn allebei vakken die je echt goed moet begrijpen om mooie cijfers te halen, maar meestal lukt het wel. Bij wiskunde vind ik het leuk dat we iets meer mogen praten dan bij andere lessen, maar vooral dat je echt zelfstandig kunt werken op je eigen tempo. Met de talen gaat het op zich goed. Ik geloof niet dat ik echt een talenknobbel heb, haha, maar met goed leren haal ik wel mooie cijfers. Biologie vind ik het interessant omdat je daar dingen leert over het dagelijkse leven, waar je zelf niet bij stilstaat. Misschien dat ik later wel dierenarts wil worden, maar zeker weten doe ik het nog niet. Ik hou van dieren. Mijn vader heeft vissen in een heel groot aquarium en ik wil al heel lang een hond, maar die komt er niet, geloof ik.”

Bij het vak Engels werkt Daphne nu aan haar eigen taalportfolio: “We hebben een boek gelezen over Billy Elliot die aan boksen doet in een gebouw waar ook balletles wordt gegeven. Billy gaat dan meedoen, maar zijn vader is daar niet blij mee, totdat hij ziet dat dansen Billy gelukkig maakt. Dan helpt hij hem om een goede balletschool te vinden. Ik heb een strip getekend van de auditie die Billy doet op de balletschool, met daarin alle teksten in het Engels. De woorden moet ik nog overtrekken met een fineliner en verder de plaatjes inkleuren.”

De pauzes zijn de gezelligste momenten van de schooldag: “Eerst gaan we dan naar onze kluisjes om onze boeken om te ruilen en daarna lekker naar de aula om wat te eten. Ik heb altijd eten bij, me, maar als je dat een keer vergeet, kun je iets lekkers kopen bij de Turkse bakker of iets uit de automaat halen. De pauze gebruiken we om even energie op te laden, want lessen volgen is echt wel vermoeiend. We zitten dan met alle meiden van de klas gewoon gezellig bij elkaar en kletsen over huiswerk of lezen nog iets door voor een proefwerk. Of we spelen met onze mobiel natuurlijk.”

Het meest verrassend van dit schooljaar vindt ze toch wel haar nieuwe vriendengroepje: “Dat we al zo snel een echt goede vriendengroep hebben, waarmee we elke week wel een ijsje gaan halen of iets anders leuks doen! Afgelopen weekend heb ik zelfs bij een van mijn vriendinnen gelogeerd, echt gezellig!”

Zijn er dan helemaal geen dingen die ze anders zou willen? “Ja hoor, minder lessen, maar dat wordt ‘m niet natuurlijk. Verder is er niks wat ik zou willen veranderen, het is gewoon goed en gezellig.”

Heeft ze misschien nog een goede tip voor groep8-leerlingen?

“Jazeker, naar welke school je ook gaat, het wordt veel leuker als je gewoon op kinderen afstapt en vrienden maakt. Dat lijkt misschien een beetje moeilijk, maar het gaat echt vanzelf en is het niet eng.”

Dan verdwijnt ze naar haar les Nederlands….